Aanvullen (deel 1)

‘Ik heb je!’
Ik hoorde gelach bij mijn oor, armen om me heen, terwijl ik op mijn buik op de grond lag. Ik had hier zo geen zin in. Ondertussen stuiterde er een bal tegen mijn hoofd aan. Ik zuchtte, bleef gemaakt lachen. Man, wat waren ze druk. Ze kwam ook altijd naar me toe als we elkaar zagen. Dat kwam niet eens zo vaak voor, maar als we elkaar zagen dan was ik de lul. Ik keek omhoog en zag mijn broertje zitten, blik op zijn telefoon. Die voelde zich duidelijk te oud voor deze onzin.
‘Noah, kom!’ riep Job enthousiast.
Noah keek op van zijn telefoon en zag me grijnzen.
“Jij ook de lul,” dacht ik.
Met een zucht kwam hij omhoog uit de tuinstoel, stopte zijn telefoon in zijn broekzak. Voetballen. Job deed niets liever.
‘Nou Lara,’ zei ik op mijn gemak terwijl ik mezelf omhoog duwde, ‘even rustig. Ik ga wat drinken.’
Ze liet me los, wat me verbaasde, en liep met me mee naar de tafel waar onze ouders zaten. Met een zucht ging ik zitten.
‘Pak je zelf even wat? vroeg mijn moeder.
Daar was ik al bang voor. Ik stond weer op, Lara achter me aan.
‘Wat wil jij?’ vroeg ik zo lief mogelijk.
Ze glimlachte verlegen, ik wist ook wel wat ze altijd dronk.
‘Levy?’ hoorde ik mijn moeder vanuit de tuin roepen. ‘Neem je de fles witte wijn even mee?’
Ik gaf Lara haar glas, en nam mijn eigen glas en de fles mee.
‘Je bent een engel,’ glimlachte mijn moeder.
Ik bleef nog even staan terwijl ze de glazen vol schonk. Die fles moest nog terug. Ik keek naar mijn vader.
‘Jullie nog?’
Hij tilde zijn flesje op en keek naar de andere. Beste vriend van mijn vader. Die knikte. Ik kreeg de fles terug van mijn moeder, liep weer naar de koelkast en kwam terug met twee flesjes bier.
‘Dank je Levy.’
Ik glimlachte, nam een slok van mijn ice tea.
‘Hoe gaat het op school?’ vroeg Justus, de kameraad van mijn vader.
Ik grijnsde. ‘Nooit vragen waar de leraar bij zit,’ lachte ik met een schuine blik naar mijn vader.
Ze lachten.
‘Goed dus,’ zei mijn vader zo serieus mogelijk. ‘Anders had hij nu vastgebonden aan zijn bureaustoel boven gezeten, hè Levy?’
‘Alsof jij zo van het studeren was vroeger,’ kreeg hij meteen te horen van zijn beste vriend.
‘Shhht,’ protesteerde mijn vader. ‘Maak hem niet wijzer dan hij is.’
Ik lachte. Hier had ik meer aan dan die stoeiende kinderen achter in de tuin. Lara was maar even bij ons blijven zitten, ze was al weer met haar tweelingbroer en mijn broertje aan het spelen. Ik zag aan zijn gezicht dat Noah het aan de ene kant vervelend vond, maar aan de andere kant vond hij het ook wel weer leuk. Speels als een brugklasser. Ik was drie jaar ouder dan hij, en ik kon af en toe weinig met die twee kids van 9.
‘We moeten binnenkort echt eens plannen maken voor het studieweekend,’ zei Justus tegen mijn vader.
Het studieweekend was ieder jaar. Oud studiegenoten van mijn ouders, daar hadden ze elkaar ook leren kennen. Na hun studie gingen ze ieder jaar een weekend weg met zijn allen. Met de kinderen erbij ja. Ik had het altijd leuk gevonden, maar de laatste twee jaar wist ik af en toe niet wat ik er mee moest. Ik was de oudste, van alle kinderen die mee gingen. Sommigen zagen mij ook een beetje als de leider die ging verzinnen wat we moesten gaan doen. Ik was te oud geworden voor de speeltuin. Ik vond dat Noah die taak wel van mij over kon nemen. Tot een paar jaar geleden was er nog een jongen van mijn leeftijd, met een zusje die twee jaar jonger was, maar die waren vier jaar geleden naar het buitenland verhuisd, dus die gingen de afgelopen jaren niet meer mee. Dat vond ik nog steeds jammer. Ik was nu echt de oudste, met Noah de volgende in lijn. Daarna kwamen er nog een aantal in dezelfde leeftijd als Lara en Job.
‘We gaan er wel iets speciaals van maken,’ zei mijn moeder. ‘Het is een jubileum deze keer.’
’25 jaar…’
Mijn moeder lachte. ‘Dat dat alweer 25 jaar geleden is ja, dat we toen zijn begonnen.’
‘Ik hoop wel dat we compleet zijn dit jaar,’ zei Dory, de vrouw van Justus.
Mijn vader lachte. ‘Dat zou wel mooi zijn ja. Maar of ze voor een weekendje de oceaan over vliegen…’
‘Zijn ze verplicht,’ grijnsde Justus. ‘Na bijna vijf jaar van afwezigheid.’
‘Benieuwd hoe groot hun kinderen zijn geworden,’ zei mijn vader met een schuine blik naar mij.
‘Middle school allebei, doen ze goed heb ik begrepen.’
‘Melle zit al op High School denk ik.’
Justus dacht na. ‘Nou je het zegt, dat kan wel ja. Mirthe nog niet denk ik.’
Ik keek nog een keer naar mijn broertje, die nog steeds aan het voetballen was. Nee, ik bleef zitten, ging niet mee doen. Ik keek nog een keer op mijn telefoon en zag dat ik een berichtje had. Alweer eentje van Mitchel. Ik pakte mijn glas en liep naar de keuken. Ik las het daar wel even, geen zin in schuine blikken van mijn ouders. Laat staan dat ze het mee konden lezen. Daar had ik al helemaal geen zin in. Ik kende hem nog niet zo lang. Sterker nog, ik had hem nog nooit in levende lijve gezien. Ik had hem leren kennen via internet, en het klikte eigenlijk meteen. Leuke gast, veel lachen. Hij wilde snel al een keer afspreken, maar dat vond ik nog steeds een iets te grote stap. Op zich was het ook wel raar, we woonden in dezelfde stad, niet ver van elkaar dus. Maar op een of andere manier vond ik het eng, het was ook de eerste keer dat ik een jongen sprak die ook… Hij was ook verder dan ik, had ik al wel begrepen. Ik was het allemaal nog heel erg aan het ontdekken. Ik typte snel wat terug, het was ook gewoon grappig wat hij stuurde. Ik zette het op mijn Instagrampagina, glimlachte nog een keer. Ik was allang blij dat hij niet weer vroeg wanneer we nou eens gingen afspreken. Dat had hij al vaak genoeg gedaan, al na de eerste dag dat we elkaar gesproken hadden online. Ik liep terug naar buiten, keek naar Noah. Ik glimlachte toen hij naar me keek met een vragende blik. Ik moest meedoen, wist ik. Samen kregen we die twee kleintjes er wel onder. Ik nam een slok, zette mijn glas op tafel en liep naar Noah. Ik stak mijn hand op dat hij de bal naar mij moest trappen. Job lachte toen hij zag dat ik mee ging doen. Mijn telefoon piepte in mijn broekzak. Ik kon wel raden wie dat was, ik keek later wel. Binnenkort maar eens via Skype spreken. Ik was eigenlijk wel benieuwd hoe zijn stem zou klinken.

Noah lag op de bank op zijn tablet een filmpje te kijken toen ik weer terug beneden kwam.
‘Rust?’ lachte ik.
‘Nogal. Wat zijn die twee druk.’
‘Beetje maar.’
‘Ik was er wel klaar mee.’
Ik lachte weer. ‘Voor een middag is het wel oké.’
‘Hadden papa en mama het nou over een weekend weg?’
Ik knikte. ‘Met de hele groep.’
Ik zag hem protesterend zijn hoofd achterover gooien.
‘Is pas over een tijdje denk ik. Meestal in het voorjaar.’
‘Moet ik dan mee?’
‘Tuurlijk.’
‘Echt geen zin in.’
‘Nee, ik wel dan. We slepen ons er wel doorheen.’
‘We ontsnappen gewoon.’
Ik lachte en liep de keuken in. ‘Komt wel goed.’
Ik was nerveus. Ik pakte wat te drinken en ging terug naar boven. Ik had toegegeven, over een minuut of vijf zou ik Mitchel zien. Letterlijk. Op webcam dan, maar toch. Hij had me terwijl ik nog aan het balletje trappen was nog een paar berichtjes gestuurd, waarin hij maar bleef vragen om online te komen. Dat werd dus vandaag nog en ik wist niet of ik daar zin in had. Nou ja, ik was wel nieuwsgierig, maar ik was nerveus. Kamerdeur dicht, laptop open op schoot. Klikken maar.

‘Hey!’
‘Hey,’ zei ik half verlegen.
‘Zien we elkaar eens.’
‘Ja.’
Oké, hij zag er goed uit. Dat had ik allang gezien op foto’s, maar bewegend was hij nog steeds erg oké. Ik glimlachte.
‘Was je druk vanmiddag?’
‘Bezoek, mensen met kleine kinderen dus er moest gevoetbald worden.’
‘Leuk?’
‘Niet de hele tijd, maar ik moest mijn jongere broer helpen.’
Mitchel lachte. ‘Ik dacht al, hij wil me niet meer spreken.’
‘Jawel hoor,’ antwoordde ik meteen.
Hij lachte nog harder.
‘En wat heb jij gedaan vandaag?’
‘Weinig. Beetje zitten gamen.’
Ik glimlachte. ‘Jij hebt je dus ook zitten vervelen?’
‘Beetje wel ja. We hadden beter samen wat af kunnen spreken.’
‘Had gekund,’ ontweek ik.
‘Deze week dan?’
‘Moet ik even kijken.’
‘Kom op man, heb je dagen dat je vroeg uit bent?’
‘Dinsdags altijd,’ zei ik, voor ik er erg in had.
‘Ik ook. Zie ik je dan in de stad.’
Ik had er meteen spijt van dat ik dat gezegd had, nu kon ik er bijna niet meer onderuit.
‘Tenzij je me niet wil zien en je wat anders hebt.’
Hij daagde me uit. Ik kon er ook wel om lachen. Ik moest dit ook gewoon doen. Wat kon er gebeuren?
Hij lachte mee. ‘Dus? Hoe laat en waar?’
‘Ik kan er om half 3 zijn.’
‘Ik ook. Zien we elkaar bij de fietsenkelder?’
‘Is goed,’ zei ik net niet enthousiast genoeg. Ik had nog steeds mijn bedenkingen.
Hij had het niet in de gaten. ‘Leuk! Zie ik je dinsdag!’

Nadat we na een tijdje doorpraten hadden afgesloten liet ik me met een zucht achterover op mijn bed vallen. Waar ging ik aan beginnen? Oké, ik had er wel zin in aan de ene kant, maar aan de andere kant vond ik het doodeng. Nou ja, het was gewoon in de binnenstad, niet bij hem thuis of zo. Noah kwam mijn kamer op lopen.
‘Heb jij mijn powerbank nog?’
Ik keek op, dacht na.
‘O ja, die zit nog in mijn tas.’
Noah keek een beetje verbaasd naar me, toen ik omhoog kwam, terwijl mijn laptop van mijn benen schoof. Ik pakte mijn rugzak en zocht in het zijvakje. Ik viste hem eruit en stak mijn hand uit.
‘Hier, dank je.’
‘Zit er nog wat in?’
‘De helft denk ik. Weet ik niet.’
‘Hm, oké.’
Hij draaide zich om en liep terug naar zijn kamer. Ik rekte me uit en ging naar beneden. Dorst.

‘Tes, het gaat gebeuren,’ zei ik maandagochtend als eerste op school.
Tessa keek me aan. ‘Wat?’
‘Mitchel…’
‘Wat?’ Ze lachte. ‘Ga je afspreken?’
‘Morgen, na school.’
‘Wow. Leuk. Moet ik mee?’
‘Nee!’
Ze lachte.
‘Nee, echt niet. Ik ga niet mijn vriendin meenemen.’
‘Jammer,’ grinnikte ze. ‘Nee, snap ik, zou ook wel raar staan. Maar hoezo ineens?’
‘Hij begon er weer over. Ik kon geen nee meer zeggen.’
‘Rare reden Levy.’
‘En ik vond dat ik het gewoon eens moest doen.’
‘Dat begint er al meer op te lijken.’
‘En ik heb er ook gewoon zin in.’
‘Dat klinkt al helemaal prima. Doen. Eindelijk, zou ik bijna zeggen.’
Ik grijnsde. ‘Beetje eng is het wel.’
‘Waar heb je afgesproken?’
‘In de stad. Niet bij hem thuis of zo.’
‘In de stad?’ vroeg ze nadenkend.
‘Oh, nee! Je gaat niet rondlopen om me in de gaten te houden.’
‘Nee?’
‘Nee, Tes. Echt niet.’
Ze lachte nu nog harder. ‘Nee, gek, dat ga ik je niet aandoen. Maar ik wil naderhand wel alles weten.’
‘Maak je geen zorgen.’
Ze sloeg even een arm om me heen en trok me mee de aula in.

Mitchel appte me nog een paar keer, hij was echt enthousiast. Ik kon er wel om lachen, maar ik werd er ook steeds nerveuser van. Ik was gewoon benieuwd hoe het zou zijn. Waar ik me nog de meeste zorgen over maakte was of ik wel wist wat ik zou moeten zeggen, niet dicht zou slaan. Vooral niet teveel aan denken, dat wist ik ook wel, maar ik kon het niet loslaten. Ik was stiller dan normaal, de hele dag al, waardoor Tessa me af en toe spottend aan zat te kijken. Gelukkig hadden mijn vrienden niet teveel in de gaten. Niemand wist ook verder wat ik ging doen, alleen Tessa. Haar vertelde ik altijd alles. Zeker op dit gebied. Sommige vrienden van mij wisten wel dat ik op jongens viel, maar niet allemaal. Geen idee wie het eigenlijk wel wist en wie niet. Ik deed er niet geheimzinnig over op zich, maar ik liep er ook niet mee te koop. Zoveel viel er ook niet te vertellen. Ik had nog nooit een vriendje gehad, geen dates. Tot deze week dan, en dat ging ik ook niet meteen iedereen vertellen. Eerst maar eens kijken hoe dat zou lopen.

‘Hey Levy,’ zei mijn moeder vrolijk toen ik binnen kwam. ‘Kijk eens mee.’
‘Wat?’ vroeg ik nieuwsgierig.
‘Ik ben aan het zoeken naar een leuke plek voor dat studieweekend.’
Ik hing mijn jas op en zette mijn rugzak onder aan de trap.
‘Nou al?’
‘Als je voor zo’n grote groep iets wil boeken moet je op tijd zijn jongen.’
‘En? Al iets gevonden?’ vroeg ik terwijl ik wat te drinken pakte uit de koelkast.
‘Van alles.’
‘Nou, boeken dan,’ lachte ik.
‘Kijk, hier hebben ze huisjes, maar ook groepsaccommodaties.’
‘Met zijn allen in één huis?’ vroeg ik afkeurend.
Ze glimlachte. ‘Is wel gezelliger, zeker als we ’s avonds allemaal bij elkaar willen zitten.’
Ik zuchtte. ‘Lekker druk.’
Ze keek me lachend en uitdagend aan.
‘Wat? Vorige keer hadden we ook allemaal verschillende huisjes.’
‘Toen was er niets anders dat we zo snel nog konden boeken.’
‘Dan nog.’
Ze klikte verder. Groot huis inderdaad, veel slaapkamers.
‘Kijk, het is geen grote slaapzaal,’ zei ze spottend, ‘je hebt gewoon een eigen slaapkamer hoor, met je broer.’
Ik was het er nog niet mee eens.
‘Er is een zwembad, speeltuin… Wel ideale plek dit.’
Ik stond zuchtend op. ‘Wanneer is het eigenlijk?’
‘Weten we nog niet precies. Iedereen moet kunnen. In het voorjaar ergens.’
‘O.’
‘Levy, het wordt vast gezellig.’
‘Mam… Ik ga deze keer niet de hele tijd die kinderen bezig houden. Echt niet.’
Ze dacht even na. ‘Nee, dat moeten we deze keer anders aanpakken ja.’
‘Ik snap dat jullie met zijn allen bij willen praten dat weekend, maar ik ben niet de kinderjuf deze keer.’
Ze lachte. ‘Je hebt gelijk Levy.’
‘Dank je.’
Ik liep de trap op.
‘Het was voor ons wel lekker rustig,’ hoorde ik spottend achter me.
‘Mam!’
Ze lachte volgens mij nog toen ik boven was.

Mitchel appte me nog toen ik op mijn kamer was. Ik was kleren aan het uitzoeken en ik kon niet beslissen wat ik aan wilde hebben de volgende dag. Hij had zin in morgen, las ik. Ik typte snel terug dat ik dat ook had en gooide mijn telefoon weer op mijn bed. Waar was dat ene shirt gebleven? Zat die nog in de was? Ik ging naar de badkamer en keek in de wasmand. Hij lag bijna onderop. Shit. Die kon ik dus niet aan. Ik ging niet vragen of die nog gewassen ging worden, want dan wist ik wel wat het antwoord was. Bovendien, dan ging ze ook meteen vragen waarom ik die ineens nodig had de volgende dag. Mooi niet, daar had ik geen zin in om dat uit te leggen. Ik liep terug naar mijn kamer. Dan die blauwe maar. Ik hing hem over mijn stoel, het kon maar alvast klaarliggen.

‘Gaat het nog door vanmiddag?’
Dit was raar, bijna op hetzelfde moment dat Tessa het vroeg appte Mitchel me met dezelfde vraag.
‘Zeker,’ zei ik terwijl ik hetzelfde typte.
‘Nerveus?’
‘Beetje,’ mompelde ik toen ik zag dat hij meteen reageerde.
‘Is dat hem?’ vroeg ze met een knik naar mijn telefoon.
‘Uhu.’
‘Hij kijkt er net zo naar uit als jij?’
‘Kun je wel zeggen ja,’ zei ik terwijl ik mijn telefoon in mijn zak stopte.
‘Wordt vast leuk.’
Ik lachte. ‘Denk het ook wel.’
‘Je belt me wel meteen daarna hè?’
‘Jahaa,’ zuchtte ik. ‘Dat heb je al drie keer gezegd.’
Tessa lachte.

Ik was blij toen de laatste les voorbij was. Ik checkte nog even in de spiegel bij de toiletten of alles wel een beetje klopte en pakte toen mijn jas uit mijn kluisje. Tessa stond op me te wachten.
‘Stukje meefietsen?’
‘Hoeft niet,’ zei ik.
Ik kon wel raden hoe dat zou gaan. Dan bleef ze meefietsen en waren we voor we er erg in hadden ineens bij de fietsenstalling. Ze lachte, reed met me de straat uit.
‘Succes,’ zei ze toen ik de hoek om ging.
Ik glimlachte, stak mijn hand nog even op.

Nou, daar ging ik dan. Ik was nerveus, was me de hele tijd aan het afvragen hoe het zou gaan. Spannend. Wat nou als hij er niet was? Nee, die was er wel, daar kon ik wel zeker van zijn. Wat nou als… Ik moest ophouden te blijven twijfelen. Ik had lang genoeg met hem zitten chatten, appen en zelfs een keer op Skype gesproken. Hij was niet helemaal onbekend. Het zou wel loslopen. Voor ik het wist reed ik het plein op. In het midden was de ingang naar de fietsenkelder. Ik zag hem al staan. Hij was er al, dat had ik kunnen weten. Hij zag me fietsen en zwaaide meteen.

© 2021 Oliver

Ik ben altijd nieuwsgierig naar jullie reacties. Klik op de link en laat eens een berichtje achter op het forum of facebook!